Wikipedia heeft het moeilijk

Wikipedia staat in de top10 best bezochte website ter wereld, vlak achter de grote jongens zoals Google, Facebook, YouTube en Yahoo. En de bezoekersaantallen zijn nog steeds stijgend. Er zijn het afgelopen jaar meer dan 6 mln nieuwe artikelen bij gekomen. Om de 500 miljoen gebruikers goed te faciliteren zijn inmiddels 175 medewerkers nodig. En servers, energie, software en ga zo maar door.

Wikipedia past perfect bij de ideologie uit de begintijd van internet: gratis delen van kennis. Het liefst zonder tussenkomst van bedrijven of overheden. Wikipedia houdt zich draaiende zonder subsidie van een overheid. Mensen doneren, gemiddeld $15. “Als iedereen die dit leest $3 zou geven, zouden we volgende week genoeg geld hebben om weer een jaar vooruit te kunnen”, zo meldde Wikipedia onlangs.

 De problemen van Wikipedia zijn drieledig:
1. Steeds minder vrijwilligers (wereldwijd eenderde minder, in Nederland gehalveerd)
2. Vooral mannenonderwerpen (veel techniek en ict, relatief weinig kunst en literatuur). Oorzaak: 90% van de wikipedianen, de redacteuren, is man.
3. Enorme bureaucratie. Regels, arbitragecommissies, moderatoren. Schrikt nieuwkomers af.

Dat laatste merken gebruikers wanneer ze andere platforms als Facebook of Twitter gebruiken; dat gaat veel makkelijker. Daar staat tegenover dat wanneer Wikipedia de software nóg makkelijker te gebruiken maakt, ook bedrijven makkelijk commerciële teksten kunnen plaatsen. Een grote angst van Wikipedia.

Wat is de oplossing voor Wikipedia? EenVandaag vroeg het aan Francisco van Jole en mij. En aan WikiMedia, het moederbedrijf in Nederland. En we gaven niet hetzelfde antwoord. Niet al mijn bijdragen hebben de eindmontage gehaald. Ik denk dat adverteerders toelaten, bijvoorbeeld door ze bepaalde domeinen te laten steunen, goed zou kunnen en ook de enige oplossing is voor het financiële probleem. WikiMedia is het er niet mee eens; ze gaan prat op onafhankelijkheid, wat ook prachtig is. Maar in kranten wordt ook geadverteerd. Op nieuwssites ook. En ook op de site van EenVandaag. We zijn daar als gebruiker al lang aan gewend. 

sitestat

 

 

Plaats een reactie

Uw e-mailadres wordt niet gepubliceerd.


*